Opleiding Basis Looptrainer 3 - deelnemer aan het woord dl 3

03 november 2020
Trainer en Coach Vorige

Drieluik deel 3: het examen en daarna

Zelfstandig atleten trainen, dat is het doel van de opleiding Basis Looptrainer 3. Ruben Garretsen (19), zelf nog een jonge atleet bij het ARGO Topteam, rondde recent deze opleiding met succes af. Tijdens dit traject deelde hij, eerder samen met Luuk Nusselder, zijn verhaal voor en na de opleiding. In dit laatste deel vertelt Ruben (Luuk is tijdelijk geblesseerd) hoe hij zich voorbereidde op het examen en deze spannende dag heeft ervaren. Wat viel er mee, wat viel er tegen? En wat kan en doet de jonge trainer nu met zijn recent verworven trainer-status?

De opleiding Basis Looptrainer 3 (BLT3) bestaat uit zes workshops en aanvullende opdrachten die cursisten bij eigen vereniging uitvoeren. Ze verzorgen bijvoorbeeld minimaal één keer per week een training. De deelnemende cursisten hebben voor ze starten met BLT3 al voldoende ervaring met het assisteren of het geven van trainingen. Hier lees je alle informatie over de opleiding.

‘Zo soepel, het voelde niet als een examen’

In control

In het tweede deel van dit drieluik lees je hoe Ruben terugkijkt op de opleiding. Hij vertelt dan vooral didactisch veel geleerd te hebben van de opleiding. Als student Bewegingswetenschappen aan de universiteit van Groningen had hij weinig moeite met de theorie. Ook deelde hij in deel 2 zijn spanning voor het examen. Ruben: ‘Het test-praktijkexamen, dat onderdeel is van de laatste cursusdag, heeft me hierbij goed geholpen.’ Maar de vraag blijft: kon hij de dag zelf zijn zenuwen een beetje de baas blijven? Ruben: ‘Het viel me enorm mee. Ik had de examentraining diezelfde week al twee keer gegeven, toen ging het steeds goed. Ik had het allemaal goed in mijn hoofd zitten en was in control. Wat ook hielp, de examinator was een aardige man. En omdat alles zo soepel verliep, voelde het niet eens echt als een examen. De spanning was er snel af.’

‘Een extra cursusdag werd ingelast’

Examenvoorbereiding

In januari rondde Ruben met zijn groep de opleiding af, eind maart zou het examen plaatsvinden. Door COVID-19 veranderde ook die planning volledig. Ruben: ‘In maart en april lag alles stil en daarna volgde de zomervakantie op de club. Al die tijd konden we niet oefenen. Pas in september gaf ik weer een eerste training. Dat was wel wat kort dag aangezien het examen op 3 oktober plaatsvond. Maar eenmaal bezig lukte het wel weer. Het was af en toe wel even van “oh ja hoe ging het ook al weer?”. Vooral de administratie rondom de trainingen: het invullen van formulieren, de voorbereiding. Het fysieke training geven pakte ik gelukkig snel weer op. En heel fijn: er was één extra cursusdag ingelast in september, om alle kennis en theorie op te frissen. Zelf heb ik onder andere de week voor het examen nog twee keer de examentraining gegeven. De theorie ben ik niet meer ingedoken, die was me wel bekend.’

Het examen

Het examen bestaat uit een praktijk- en theoriedeel. Ruben: ‘Voor en na afloop kreeg ik vragen, onder andere over het energiesysteem waarin de groep trainde en welke oefeningen goed zijn voor de diverse onderdelen van loopscholing. De praktijk, de training, gaf ik grotendeels aan mijn eigen groep 40-plus dames, waarmee ik ook steeds geoefend heb, nu wel aangevuld met wat heren.’ Ook het terrein was Ruben bekend, het examen vond plaats bij Argo zelf. Ruben is uiteraard blij dat hij geslaagd is, toch is dat niet vanzelfsprekend vertelt hij: ‘Eén persoon slaagde helaas niet.’

Ruben heeft geluk, na het behalen van zijn diploma heeft hij direct een eigen groep: de jeugd op zaterdagochtend. ‘Hier was ik al lange tijd assistent, nu heb ik mijn eigen groep. Het is wel heel erg leuk dat ik deze groep mag overnemen. Luuk blijft me assisteren tot ook hij zijn examen heeft kunnen afleggen, daarna doen we de groep volledig samen.’

Ruben neemt hier symbolisch het stokje over van de vorige hoofdtrainster van de jeugd"

Terugblik

Zoals Ruben in het eerste deel al schetste, herhaalt hij nog eens: ‘Het begin van de opleiding kost veel tijd. Maar het wordt écht langzaam minder. Je hoeft niet steeds alles vanaf scratch te doen, zoals oefeningen uitwerken, ook krijg je meer ervaring: je weet wat er moet gebeuren en houdt hier rekening mee. Als je de basis van het trainersvak een beetje onder de knie hebt, dan ben je al best ver. Het gaat dan om dingen waar je vooraf niet over nadenkt zoals veiligheid: een oefening  op de baan moet je niet te dichtbij de rand doen, die is glad en hoger dan kun je lelijk vallen. Het lijkt misschien simpel, maar het moet wel in je voorbereiding staan, tijdens de training zelf ben je al met zoveel bezig.

‘Ik voel me nu echt een trainer’

Ik heb het vak moeten leren maar ik voel me nu wel echt een trainer.’ Ruben is terecht trots en blij. ‘Aan het begin van het opleidingstraject leek het me wel leuk, maar nu is dat gevoel veel sterker. Ik heb echt veel plezier in training geven, zeker nu met mijn eigen vaste groep.’ Ruben heeft de smaak van het vak te pakken: ‘In de toekomst wil ik zeker ook voor niveau 4 gaan, maar of dat nog dit jaar of volgend jaar is, zullen we zien.’

Tekst: Esther Vliege