Praktische tips Structuur

Terug naar illustratie

​Praktische tips op het thema 'structuur'

Trainers (en andere betrokkenen bij jeugdatletiek) spelen een grote rol in het plezier dat de jeugd beleeft aan hun sportbeoefening en zijn van grote invloed op het ontwikkelen van hun vaardigheid. Zij zijn degenen die zorgen voor een veilige en ontwikkelingsgerichte omgeving waarin een jonge sporter tot bloei kan komen. Praktische tips om het thema 'structuur‘ vorm te geven tijdens trainingen en op bestuurders- beleidsniveau (indien van toepassing).·Vanuit de praktische tips kun je onderaan deze pagina doorklikken naar een beknopte theoretische onderbouwing.

 

De behoefte aan structuur geldt op iedere leeftijd, maar is op iedere leeftijd iets anders, daarom maken we een onderscheid in leeftijd.

4 tot 6/7 jaar

Kenmerkend voor deze leeftijd is dat kinderen veel prikkels ervaren en het lastig vinden om zich te concentreren. Hoewel ‘afspraken maken’ beter klinkt dan het stellen van regels is dat laatste wat je doet met jonge kinderen, er is immers geen tweerichtingsverkeer. Herkenbaarheid is belangrijk voor kinderen.

  • Stel regels over praktische zaken zoals verzamelplek, beginsignaal van de training. Betrek de ouders hierbij. Zorg dat het er niet te veel zijn, houd ze kort, simpel en duidelijk en formuleer positief (“als ik iets uitleg is iedereen stil”, i.p.v. “niet praten door mijn uitleg”).
  • Breng vaste patronen aan in je training met een herkenbare opbouw.
  • Communiceer een doel voor je training .
  • Communiceer de inhoud, onderdelen en fase van de training (focus op wat gaan we waarom doen?)
  • Laat oefeningen niet langer dan 10 minuten duren.
  • Breng structuur aan in de trainingsomgeving, baken de ruimte letterlijk af (speelveld bij tikkertje, looproute bij estafette e.d.). Hanteer hierbij voorkeur kleuren.
  •  

6/7 – 12 jaar

Structuur is op deze leeftijd nog net zo belangrijk, maar kinderen zijn op deze leeftijd beter in staat zelf structuur aan te brengen in hun omgeving en kunnen zich beter concentreren. In plaats van het stellen van regels kun je ook afspraken maken met de kinderen.

  • Maak afspraken over praktische zaken, bijv. gebruik van spikes, omgaan met materiaal. Zorg dat het er niet te veel zijn, houd ze kort, simpel en duidelijk en formuleer positief (“als ik iets uitleg is iedereen stil”, i.p.v. “niet praten door mijn uitleg”).
  • Breng vaste patronen aan in je training met een herkenbare opbouw.
  • Communiceer een doel voor je training.
  • Communiceer de inhoud, onderdelen en fase van de training (focus op wat gaan we waarom doen?).
  • Maak vorderingen zichtbaar. Koppel aan het eind van de training de resultaten terug.
  • Breng structuur aan in de trainingsomgeving, baken de ruimte letterlijk af.

12-16 jaar

Ook op deze leeftijd is structuur nog steeds van belang, maar junioren kunnen hierin zelf meer verantwoordelijkheid nemen en zijn minder snel afgeleid.

  • Laat junioren de afspraken onderling maken, jij kunt hierbij begeleiden.
  • Breng vaste patronen aan in je training met een herkenbare opbouw.
  • Communiceer een doel voor je training.
  • Communiceer de inhoud, onderdelen en fase van de training (focus op wat gaan we waarom doen?).
  • Maak vorderingen zichtbaar. Koppel aan het eind van de training de resultaten terug.
  • Breng structuur aan in de trainingsomgeving, baken de ruimte letterlijk af.

Wetenschappelijke onderbouwing