Praktische tips focus op ontwikkeling

Terug naar illustratie

Praktische tips op het thema 'focus op ontwikkeling'

Trainers (en andere betrokkenen bij jeugdatletiek) spelen een grote rol in het plezier dat de jeugd beleeft aan hun sportbeoefening en zijn van grote invloed op het ontwikkelen van hun vaardigheid. Zij zijn degenen die zorgen voor een veilige en ontwikkelingsgerichte omgeving waarin een jonge sporter tot bloei kan komen. Praktische tips om het thema 'focus op ontwikkeling‘ vorm te geven tijdens trainingen en op bestuurders- beleidsniveau (indien van toepassing).·Vanuit de praktische tips kun je onderaan deze pagina doorklikken naar een beknopte theoretische onderbouwing.

Trainers en coaches 

  • Maak atleten er bewust van dat iedereen in staat is te groeien en dat inspanning en doorzettingsvermogen hier voorwaardelijk voor zijn. 
  • Benadruk dat je fouten moet maken, hiervan kan je leren.
  • Benadruk dat sport om plezierbeleving gaat.
  • Waardeer deelname, inzet en doorzettingsvermogen die een sporter bij een nieuw te leren vaardigheid of bij tegenslag toont. (“Mooie sprong, ik kan zien dat je hard geoefend hebt! Je rug is veel holler!”).
  • Focus op persoonlijke verbetering (bij junioren kun je deze koppelen aan zelf gestelde doelen) en trek niet te veel vergelijkingen tussen het resultaat van atleten onderling.
  • Bied interne veiligheid zodat atleten zich durven tonen met hun ontwikkelpunten.
  • Benadruk gewenst en positief gedrag in de toekomst. Dat wil zeggen dat je vooraf aangeeft welk gewenst gedrag je van de ander verwacht, gericht op een taak of situatie in de (nabije) toekomst. Daarmee leg je de focus op hoe iemand het in de toekomst gaat doen en niet over hoe het in het verleden is gegaan.
  • Zie jeugdwedstrijden als een onderdeel van het trainingsproces (leren) en niet als doel op zich.
  • Bepaal ontwikkelingsgerichte doelen met de atleet: richt je op stappen waar hij/zij zelf invloed op heeft (dus niet op een plaats op de ranglijst).
  • Geef als coach het goede voorbeeld door aan je atleten te tonen dat jijzelf ook blijft ontwikkelen en open staat voor feedback. Wanneer jij je atleten betrekt bij jouw ontwikkeling, stimuleert dat hen hetzelfde (onderling) te doen.
  • Wees alert op te fanatieke veeleisende ouders en spreek hen hierop aan.

Ouders

  • Vraag na een wedstrijd: Hoe ging het? Heb je plezier gehad? Hoe ging de aanloop bij verspringen? (i.p.v.  Heb je gewonnen of hoeveel medailles heb je behaald?).
  • Moedig je kind aan en laat het geven van technische tips over aan de trainer/coach.
  • Waardeer de plezierbeleving, inzet en deelname van je kind, ongeacht de geleverde prestaties.
  • Wees betrokken bij de sportbeoefening van je kind.

Verenigingen

  • Benoem in de wedstrijdverslagen niet alleen podiumplaatsen, maar benoem ook het aantal atleten dat meedeed, welke deelnemers hun persoonlijk record hebben verbroken en bijvoorbeeld de mooie ervaringen van de dag
  • Informeer ouders over bovenstaande (procesgerichte) aanpak.
  • Voorkom ranglijsten bij jeugd.
  • Geef na een wedstrijd niet alleen aandacht aan de winnaars, maar zet alle deelnemers in het zonnetje!

Wetenschappelijke onderbouwing