Structuur - onderbouwing

Beknopte wetenschappelijke onderbouwing van het thema 'structuur'

Structuur aanbrengen wordt bijna altijd genoemd als het gaat om een goed pedagogisch klimaat. Kinderen hebben behoefte aan duidelijkheid. Structuur dient als veilige basis om van daaruit de wereld te ontdekken en jezelf te ontwikkelen.

Je geeft structuur door binnen een groep duidelijke en consistente regels en verwachtingen op te stellen. Regels en afspraken kun je maken over praktische zaken (op tijd komen, kleding e.d.), omgang met materiaal (opruimen, dragen van de speren e.d.) en over omgaan met elkaar (atleten trainer; stil zijn tijdens de uitleg, atleten onderling; niet pesten). Bij het maken van afspraken of het stellen van regels is het belangrijk dat iedereen weet waarom de afspraak of regel er is. Dit verhoogt de acceptatie van de regels en zorgt er voor dat afspraken en regels sneller een norm worden (Teitler, 2013). Een andere manier om structuur te bieden is volgens Teitler (2013) het vergroten van de herkenbaarheid door het opbouwen van routines. Begin de training bijvoorbeeld altijd na een vast signaal en op een vaste plaats. Sommige routines moeten even ingeoefend worden (bijv. het luisteren naar een trainer als hij iets uitlegt of het klaarzetten van het materiaal). In het begin kost dat even tijd, maar dat is tijd die je in daarop volgende trainingen ruimschoots terug verdient. Wat ook bijdraagt aan de structuur is het ‘inrichten’ van de omgeving: de gele groep gaat bij de gele pylonen staan.